
OSLO – De Noorse politie onderzoekt een explosie bij de Amerikaanse ambassade in de hoofdstad Oslo. De ontploffing vond plaats in de nacht van zaterdag op zondag en veroorzaakte schade aan de ingang van het ambassadegebouw. Voor zover bekend zijn er geen gewonden gevallen.
Volgens de eerste berichten werd rond 01.00 uur lokale tijd een harde knal gehoord in de omgeving van het diplomatieke complex. Omwonenden meldden dat kort daarna rook zichtbaar was bij het gebouw en dat hulpdiensten massaal ter plaatse kwamen.
De explosie vond plaats bij de consulaire ingang van de Amerikaanse ambassade. De schade lijkt voornamelijk beperkt tot de buitenkant van het gebouw, maar de politie beschouwt het incident als ernstig genoeg om een uitgebreid onderzoek te starten.
Direct na de explosie werd de omgeving afgezet. Politie-eenheden, forensische onderzoekers en veiligheidsdiensten werden ingezet om sporen veilig te stellen.
De Noorse politie onderzoekt of sprake is van een doelgerichte aanval op de ambassade. Voor het onderzoek worden onder meer drones, speurhonden en camerabeelden gebruikt. Ook wordt gezocht naar mogelijke verdachten die zich rond het tijdstip van de explosie in de buurt van het gebouw bevonden.
Autoriteiten hebben nog geen informatie vrijgegeven over het type explosief dat mogelijk is gebruikt.
Na het incident zijn de veiligheidsmaatregelen rond diplomatieke gebouwen in Oslo tijdelijk aangescherpt. De politie benadrukt dat er voorlopig geen aanwijzingen zijn dat het publiek direct gevaar loopt, maar dat het onderzoek met prioriteit wordt uitgevoerd.
Het is nog onduidelijk wie verantwoordelijk is voor de explosie en wat het motief was. Internationale spanningen en recente geopolitieke ontwikkelingen zorgen er wel voor dat Amerikaanse belangen wereldwijd extra beveiligd worden.
De Amerikaanse ambassade heeft nog geen uitgebreide reactie gegeven en verwijst voor commentaar naar het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken.
De Noorse politie roept getuigen op die rond het tijdstip van de explosie iets verdachts hebben gezien zich te melden.