
De inzet van buitenlandse zorgkrachten zorgt voor groeiende spanningen binnen de Surinaamse zorgsector. Tijdens het persmoment werd duidelijk dat vooral de verschillen in salarissen voor onvrede zorgen.
Volgens informatie uit de sector werken er momenteel ongeveer 70 buitenlandse zorgkrachten in het academisch ziekenhuis. Zij verdienen naar schatting tussen de $1.000 en $1.500 per maand, wat neerkomt op ongeveer SRD 36.000 tot SRD 58.500 per persoon.
In totaal betekent dit dat er maandelijks tussen de $70.000 en $105.000 (ongeveer SRD 2,5 miljoen tot SRD 4,1 miljoen) wordt uitgegeven aan deze groep.
Tegelijkertijd wachten veel lokale zorgmedewerkers al maanden op de uitbetaling van hun overbruggingstoelage. Door het aanhoudende begrotingstekort schuift de overheid betalingen vooruit, waardoor personeel in onzekerheid blijft over hun inkomsten.
Dit contrast vergroot de frustratie binnen de sector. Aan de ene kant worden miljoenen SRD per maand besteed aan buitenlandse zorgkrachten, terwijl lokale werknemers moeten wachten op geld waar zij recht op hebben.
Lokale verpleegkundigen verdienen bovendien aanzienlijk minder, wat de onvrede verder aanwakkert. Zorgmedewerkers die al jaren in dienst zijn, zien hoe buitenlandse krachten beter worden betaald, terwijl zij zelf moeite hebben om rond te komen.
De regering beschouwt het binnenhalen van buitenlandse zorgkrachten als een tijdelijke oplossing voor het personeelstekort. Toch klinkt vanuit de praktijk een duidelijke boodschap:
“Als je dat bedrag betaalt aan de mensen hier, blijven ze.”
Ondertussen blijft het vertrek van Surinaamse zorgmedewerkers aanhouden. De combinatie van relatief lage salarissen, hoge woonlasten en betere kansen in het buitenland maakt de sector kwetsbaar.
De discussie over salarissen en gelijke behandeling lijkt daarmee nog lang niet voorbij.
De vraag die blijft hangen: waarom wordt er wel miljoenen uitgegeven aan tijdelijke oplossingen, maar niet aan het behoud van eigen zorgpersoneel?