
De Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Abbas Araghchi heeft verklaard dat Iran voorlopig geen nieuwe onderhandelingen met de Verenigde Staten zal voeren, terwijl de oorlog met Israël en de VS inmiddels de tiende dag is ingegaan en de spanningen in het Midden-Oosten verder oplopen.
In een interview vanuit Teheran stelde Araghchi dat Iran het vertrouwen in diplomatie met Washington heeft verloren, nadat volgens hem eerdere onderhandelingen werden gevolgd door militaire aanvallen.
Het interview vond plaats kort nadat Mojtaba Khamenei, de zoon van de overleden ayatollah, werd aangewezen als nieuwe Opperste Leider van Iran. Volgens Araghchi symboliseert zijn benoeming continuïteit en stabiliteit binnen de Iraanse leiding.
“Deze keuze laat zien dat er stabiliteit en continuïteit is in het leiderschap van Iran,” zei de minister. Volgens hem zal de nieuwe leider later zelf publiekelijk reageren op internationale ontwikkelingen.
De minister gaf aan dat gesprekken met de Verenigde Staten volgens Iran weinig zin hebben. Hij verwees naar onderhandelingen over het Iraanse nucleaire programma die volgens Teheran vorig jaar plaatsvonden.
Volgens Araghchi werden die gesprekken onderbroken door militaire acties.
“Wij hebben een zeer bittere ervaring met onderhandelingen met de Amerikanen,” verklaarde hij. “We onderhandelden vorig jaar en opnieuw dit jaar, maar telkens volgden er aanvallen.”
Daarom zou een nieuwe ronde diplomatie met Washington momenteel niet op de agenda staan.
De Iraanse minister beschuldigde de Verenigde Staten en Israël ervan burgerdoelen te hebben aangevallen, waaronder woonwijken, ziekenhuizen en scholen. Hij stelde dat de aanvallen op infrastructuur in Iran de situatie in de regio verder destabiliseren.
Volgens hem heeft dit ook geleid tot stijgende olieprijzen wereldwijd, omdat schepen en olietankers steeds terughoudender worden om door de Straat van Hormuz te varen.
Iran ontkent dat het zelf de olievoorziening probeert te verstoren.
“We hebben de Straat van Hormuz niet gesloten,” zei Araghchi. “De onzekerheid komt door de aanvallen van Israël en de Verenigde Staten.”
Een van de meest controversiële incidenten in het conflict betreft een aanval op een meisjesschool in Minab, in het zuiden van Iran, waarbij volgens Iraanse autoriteiten meer dan 160 leerlingen om het leven kwamen.
De Amerikaanse president Donald Trump ontkende betrokkenheid bij die aanval en suggereerde dat Iran zelf verantwoordelijk zou kunnen zijn.
Araghchi verwierp die claim krachtig en stelde dat beeldmateriaal en analyses volgens Iran aantonen dat een Amerikaanse raket verantwoordelijk was voor de aanval.
Hij waarschuwde dat de aanval “niet onbeantwoord zal blijven”.
De oorlog dreigt zich steeds verder over het Midden-Oosten te verspreiden. Iraanse aanvallen hebben volgens berichten ook installaties en infrastructuur in andere landen in de regio geraakt, waaronder olie-installaties.
Araghchi stelde dat Iran zich slechts verdedigt tegen buitenlandse agressie.
“Dit is niet onze oorlog,” zei hij. “Deze oorlog is ons opgelegd. Wij verdedigen onszelf.”
Volgens de minister is er binnen Iran massale publieke steun voor de regering en het leger. Hij beweerde dat miljoenen mensen de straat op zijn gegaan om de nieuwe leider en de strijdkrachten te steunen.
Ondertussen gaat het conflict door en blijft Iran volgens de minister raketten afvuren zolang dat nodig wordt geacht.