
De Verenigde Naties hebben gewaarschuwd dat de oorlog in het Midden-Oosten zware economische en humanitaire gevolgen heeft voor de regio. Volgens het United Nations Development Programme kan de schade oplopen tot tussen de 120 en 194 miljard dollar. Dit betekent een krimp van 3,7% tot 6% van het totale bruto binnenlands product van de regio.
Daarnaast dreigen ongeveer 3,6 miljoen mensen hun baan te verliezen en kunnen tot 4 miljoen extra mensen in armoede belanden. De VN stelt dat deze terugval zelfs groter is dan de economische groei die in 2025 werd gerealiseerd.
Ook Iran wordt hard geraakt. Door de oorlog en de verstoring van het dagelijks leven kan een groot deel van de bevolking in armoede terechtkomen. De VN verwacht dat het land ongeveer anderhalf jaar aan ontwikkelingsvooruitgang verliest.
In Libanon verslechtert de situatie snel. Meer dan 1,1 miljoen mensen zijn ontheemd geraakt door de gevechten tussen Israël en Hezbollah. Infrastructuur zoals wegen en bruggen is zwaar beschadigd, waardoor delen van het land vrijwel onbereikbaar zijn geworden. Ook VN-vredesmissie UNIFIL staat onder druk. In de afgelopen dagen zijn drie Indonesische vredeshandhavers om het leven gekomen.
In Gaza blijft de humanitaire situatie kritiek. Ziekenhuizen kampen met tekorten, terwijl ziektes zoals schurft zich verspreiden in overvolle vluchtelingenkampen. Er is een groot gebrek aan hygiëneproducten en medische hulp, terwijl de toegang tot het gebied beperkt blijft.
De VN waarschuwt daarnaast voor verdere escalatie in de regio, onder meer na een aanval op een olietanker in de Verenigde Arabische Emiraten. Zulke aanvallen kunnen volgens de organisatie grote ecologische gevolgen hebben.
Volgens de VN is het duidelijk dat de oorlog niet alleen militair wordt uitgevochten, maar ook leidt tot grootschalige economische schade en humanitaire achteruitgang in de hele regio.