Het ontwerp‑begroting voor 2025 laat zien dat de overheid van Suriname een groot deel van haar middelen uitgeeft aan personeel. Volgens een analyse van het ministerie van Financiën bedragen de loonkosten komend jaar meer dan SRD 16,744 miljard op een totale begroting van SRD 67,17 miljard. Daarmee vloeit ruim 25 procent van het nationale budget naar salarissen, toelagen en andere vergoedingen voor ambtenaren.
Het grootste deel van deze uitgaven gaat naar het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur, waar duizenden leraren, administratieve krachten en ondersteunend personeel in dienst zijn. Andere departementen die veel personeelskosten hebben zijn Volksgezondheid en Binnenlandse Zaken. In de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen loonkosten (basisloon plus structurele toelagen) en niet‑loonkosten zoals pensioenpremies en vakantiegelden. Samen vormen ze een belangrijk deel van de lopende uitgaven van de overheid.
De regering werkt nog aan een goedkeuring van de begroting. Zonder goedgekeurde begroting mag de overheid slechts twaalfden van het vorige jaar uitvoeren, wat de salarisbetaling bemoeilijkt. Bovendien komen nog achterstallige verplichtingen uit eerdere jaren – geschat op meer dan SRD 7 miljard – bovenop de begroting. Het ministerie onderzoekt hoe deze schulden kunnen worden afbetaald.
Economen waarschuwen dat de hoge personeelskosten ten koste gaan van investeringen in infrastructuur en sociale projecten. De regering verwacht dat de recente loonharmonisatie en de 26‑maandelijkse indexering voor ambtenaren de druk op de begroting verder zullen vergroten. Om tekorten te voorkomen kijkt het kabinet naar maatregelen zoals bevriezing van nieuwe aanstellingen, herziening van toelagen en stimulering van efficiëntere bedrijfsvoering binnen departementen. Tegelijkertijd erkent men dat het verkleinen van de ambtenarij een gevoelig politiek onderwerp blijft.