
PARAMARIBO – De recente toename van chikungunya-besmettingen in Suriname roept vragen op bij gezondheidsdeskundigen. Terwijl het aantal bevestigde gevallen inmiddels boven de duizend ligt, wijzen experts erop dat de terugkeer van het virus mogelijk samenhangt met jarenlange problemen in de bestrijding van muskieten.
Volgens gezondheidsautoriteiten wordt chikungunya overgebracht door de Aedes aegypti-muskiet, dezelfde soort die ook dengue en zika kan verspreiden. Wanneer deze muskieten zich massaal kunnen voortplanten, neemt het risico op virusuitbraken snel toe.
Een belangrijke factor die door deskundigen wordt genoemd, is het gebrek aan consistente muskietenbestrijding in de afgelopen jaren.
Volgens informatie uit de gezondheidssector zou in de periode 2020 tot 2025 slechts één keer grootschalig zijn gespoten tegen muskieten. Hierdoor konden populaties van de Aedes-muskiet zich in verschillende gebieden ongehinderd ontwikkelen.
Wanneer zulke programma’s onregelmatig worden uitgevoerd, kan het aantal muskieten binnen korte tijd explosief groeien, vooral in een tropisch klimaat zoals dat van Suriname.
Naast gebrekkige bestrijding spelen ook omgevingsfactoren een rol. Stilstaand water vormt de belangrijkste broedplaats voor muskieten.
Voorbeelden van plekken waar larven zich vaak ontwikkelen zijn:
Tijdens het regenseizoen kan het aantal van deze broedplaatsen sterk toenemen, waardoor muskieten zich sneller vermenigvuldigen.
De huidige situatie heeft ook de aandacht gevestigd op logistieke uitdagingen binnen de volksgezondheidssector.
Volgens verklaringen van de regering blijkt het importeren van chemicaliën voor muskietenbestrijding complexer dan verwacht. Internationale samenwerking met landen zoals Brazilië en Frans-Guyana wordt momenteel gezocht om de benodigde middelen te verkrijgen.
Experts stellen echter dat effectieve bestrijding niet alleen afhankelijk is van chemicaliën, maar ook van structurele planning, monitoring en snelle interventie wanneer besmettingen beginnen op te lopen.
Suriname kende eerder een grote chikungunya-uitbraak rond 2014. Volgens gezondheidsdeskundigen hebben veel mensen destijds antistoffen opgebouwd, waardoor zij mogelijk minder vatbaar zijn voor ernstige ziekteverschijnselen.
Toch betekent dit niet dat het virus volledig verdwijnt. Wanneer nieuwe generaties muskieten het virus opnieuw verspreiden, kunnen nieuwe besmettingsgolven ontstaan.
Gezondheidsautoriteiten benadrukken dat de bestrijding van chikungunya niet alleen afhankelijk is van de overheid. Ook burgers spelen een belangrijke rol bij het beperken van broedplaatsen van muskieten.
Aanbevolen maatregelen zijn onder meer:
Door deze maatregelen te combineren met een structureel bestrijdingsprogramma hopen autoriteiten verdere verspreiding van het virus te beperken.