
Tijdens een interview op Standvaste Radio heeft de Surinaamse diaspora-jurist Owen Venloo stevige kritiek geuit op het beleid van Surinaamse regeringen en politieke leiders. Volgens Venloo heeft Suriname in de afgelopen decennia onvoldoende gebruikgemaakt van de kennis, middelen en betrokkenheid van Surinamers in het buitenland.
Zijn belangrijkste boodschap was duidelijk: zonder een serieus diasporabeleid dreigt Suriname volgens hem verder achterop te raken.
Een van de punten die Venloo opnieuw onder de aandacht bracht, is zijn jarenlange pleidooi voor een nationaal standbeeld van Henk Arron op het Onafhankelijkheidsplein in Paramaribo.
Volgens Venloo bestaat er momenteel wel een standbeeld van Arron, maar beschouwt hij dat niet als een nationaal monument. Hij stelt dat het huidige beeld is opgericht door partijstructuren en daarom volgens hem niet dezelfde nationale betekenis heeft.
Venloo vindt dat Arron, die een centrale rol speelde bij de onafhankelijkheid van Suriname in 1975, een prominente plaats in het nationale geheugen verdient. Volgens hem hoort een nationaal standbeeld op de plek waar vroeger het standbeeld van koningin Wilhelmina stond.
In het interview uitte Venloo ook kritiek op verschillende politieke leiders. Hij stelde dat opeenvolgende regeringen volgens hem onvoldoende hebben gedaan om nationale symbolen te versterken of om structureel beleid te ontwikkelen richting de diaspora.
Hij gaf aan dat hij in het verleden gesprekken heeft gevoerd met onder meer voormalige president Ronald Venetiaan, huidig president Chandrikapersad Santokhi en vicepresident Gregory Rusland over deze onderwerpen. Volgens Venloo zijn zijn voorstellen echter nooit daadwerkelijk opgepakt.
Een belangrijk onderdeel van zijn betoog was de rol van Surinamers in het buitenland. Venloo wees erop dat de diaspora volgens hem al tientallen jaren een grote bijdrage levert aan de Surinaamse economie.
Hij noemt daarbij onder meer:
Volgens Venloo gaat het in totaal om miljarden aan economische waarde die jaarlijks richting Suriname stroomt.
Venloo pleitte daarom voor een duidelijk en structureel diasporabeleid. Hij suggereerde onder meer de oprichting van een speciaal directoraat voor diaspora-zaken binnen het ministerie van Buitenlandse Zaken.
Volgens hem moet Suriname de komende jaren een duidelijke langetermijnstrategie ontwikkelen waarin zowel inwoners van het land als Surinamers in het buitenland worden betrokken.
Venloo ziet in de toekomstige inkomsten uit olie en gas bovendien een kans om structurele verbeteringen door te voeren, mits er volgens hem transparante plannen worden gemaakt voor een eerlijke verdeling van deze inkomsten.
Aan het einde van het interview waarschuwde Venloo dat Suriname volgens hem belangrijke kansen kan mislopen als de diaspora onvoldoende wordt betrokken bij de ontwikkeling van het land.
Hij riep de politieke leiders daarom op om de samenwerking met Surinamers in het buitenland serieuzer te nemen en gezamenlijk te werken aan een langetermijnvisie voor de toekomst van Suriname.
Beluister het fragment uit het interview met Owen Venloo op Standvaste Radio.