President Donald Trump heeft aangekondigd dat hij de federale inzet tegen criminaliteit in de Amerikaanse hoofdstad zal opvoeren. In posts op sociale media beschreef hij Washington D.C. als “zeer onveilig” en kondigde hij plannen aan om honderden federale agenten naar de stad te sturen om lokale wetshandhavers te ondersteunen. Ook wil hij daklozen uit het centrum verwijderen en zware straffen voor overtreders, inclusief gevangenneming, invoeren. De plannen komen in de nasleep van incidenten waarbij geweld tegen toeristen en winkeliers breed werd uitgemeten in conservatieve media.
Lokale bestuurders reageren met afschuw. Burgemeester Muriel Bowser benadrukt dat de criminaliteit in de stad in de eerste zeven maanden van 2025 juist met 26 % is gedaald. Zij beschuldigt Trump ervan de feiten te verdraaien om politieke munt te slaan. Volgens critici is het plan om federale agenten op straat te laten patrouilleren een inbreuk op de autonomie van het district, dat geen zelfstandige staat is en daardoor weinig tegenwicht kan bieden tegen federale inmenging.
Juristen wijzen op het gevaar van een precedent: de Amerikaanse grondwet en de Posse Comitatus‑wet beperken het gebruik van militairen en federale troepen voor civiele taken. Toch slaat de retoriek aan bij Trumps achterban, die zich zorgen maakt over veiligheid en het beeld heeft dat Democratische steden onbestuurbaar zijn. Politiek gezien probeert Trump zich te profileren als de ordehandhaver in aanloop naar de presidentsverkiezingen van 2026. Het is nog onduidelijk of en hoe de aangekondigde maatregelen worden uitgevoerd, maar de discussie illustreert de spanningen tussen federale en lokale autoriteiten over de aanpak van criminaliteit en dakloosheid.