Minister Pokie

Pokie onthult mogelijk kartel binnen Sociale Zaken

RedactieSuriname28 augustus 2026400 Views

PARAMARIBO — De Surinaamse regering is niet voorbereid op de sociale gevolgen van een eventuele verdere afbouw van de brandstofsubsidie. Dat heeft minister Diana Pokie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting openlijk erkend tijdens een persmoment. Tegelijkertijd onthulde zij dat het controlesysteem rond sociale uitkeringen nog altijd ernstige tekortkomingen vertoont en grotendeels handmatig wordt uitgevoerd.

Pokie kreeg de vraag of haar ministerie voorbereid is op de gevolgen voor de samenleving wanneer de regering de brandstofsubsidie verder terugbrengt.

“Wij zijn daarop niet voorbereid”, antwoordde de minister. Volgens haar moet het ministerie van Financiën en Planning verdere uitleg geven over het brandstofbeleid, maar staat nu al vast dat kwetsbare groepen het moeilijker zullen krijgen.

De uitspraak is opmerkelijk, omdat juist Sociale Zaken verantwoordelijk is voor de opvang van burgers die door hogere prijzen verder in de problemen komen. Pokie vertelde dat inmiddels ook leerkrachten, politieagenten en andere mensen die vroeger tot de middenklasse werden gerekend, bij haar ministerie aankloppen voor hulp.

Het gaat onder meer om aanvragen voor renovatiesteun, bouwsubsidie en ondersteuning bij hoge huurkosten. Veel bestaande regelingen zijn echter uitsluitend bestemd voor mensen die al tot de geregistreerde sociaal zwakke groepen behoren.

Volgens Pokie moet worden voorkomen dat werkende Surinamers verder afglijden. Zij erkende tegelijkertijd dat haar ministerie daarvoor slechts beperkte middelen heeft.

Jarenlange achterstanden

De problemen worden verergerd doordat Sociale Zaken nog altijd bezig is uitkeringen uit voorgaande jaren te betalen. In Brokopondo en Sipaliwini worden veel sociale uitkeringen nog contant verstrekt.

Volgens Pokie trof zij bij haar aantreden achterstanden aan uit de periode 2020–2025. Omdat de begrotingsmiddelen per dienstjaar worden vrijgemaakt, moet het ministerie eerst oude verplichtingen afhandelen voordat nieuwere achterstanden kunnen worden ingelopen.

Daarmee heeft de minister inmiddels ook een achterstand opgebouwd die binnen haar eigen bestuursperiode valt. Het betreft volgens haar de periode vanaf juni of juli 2025 tot juni 2026.

De minister zei dat eerst betalingen over 2024 moeten worden uitgevoerd, daarna die over 2025 en vervolgens de achterstanden uit haar eigen ambtsperiode.

De officiële regeringscommunicatie meldt dat het ministerie ernaar streeft ergens in 2027 geen betalingsachterstanden meer te hebben. Dat is vooralsnog een verwachting en geen harde garantie.

Systeem voor 90 procent handmatig

Tijdens dezelfde persconferentie werd Pokie gevraagd of zij inmiddels voldoende controlemechanismen heeft aangebracht om fraude en misbruik tegen te gaan.

“Nog niet voldoende”, erkende zij.

Volgens de minister wordt ongeveer 90 procent van het systeem nog handmatig verwerkt. Hierdoor blijft de administratie kwetsbaar voor fouten, manipulatie en mogelijk misbruik.

Pokie verwees daarbij naar een incident met beschikkingboeken die naar Saramacca moesten worden gebracht. Een medewerker zou zeven van de vijftig boeken uit de zending hebben gehaald. Elk boek bevat volgens de minister 25 beschikkingen waarmee wordt bevestigd dat een aanvraag voor sociale ondersteuning is goedgekeurd.

Het gaat daarmee mogelijk om 175 beschikkingen.

De minister benadrukte dat geen Monikarta-bankpassen zijn gestolen. De nummers van de verdwenen of weggenomen beschikkingen zijn volgens haar inmiddels geblokkeerd.

Onbeantwoord blijft echter wat de medewerker met de zeven boeken wilde doen, hoe lang de boeken buiten het toezicht van het ministerie zijn geweest en of beschikkingen al onrechtmatig zijn gebruikt. Ook is niet duidelijk of aangifte is gedaan en welke disciplinaire of strafrechtelijke maatregelen tegen de betrokken medewerker zijn genomen.

Vermoeden van georganiseerde samenwerking

Pokie plaatste eveneens vraagtekens bij het grote aantal mensen dat een Monikarta niet komt ophalen, ondanks herhaalde oproepen.

De minister opperde dat sommige geregistreerden mogelijk wel bestaan, maar dat hun uitkering via andere kaarten wordt ontvangen. Zij sprak daarbij over een aangetroffen vorm van samenwerking en gebruikte zelfs het woord “kartel”.

De precieze omvang van deze mogelijke constructie maakte zij niet bekend. Ook presenteerde zij tijdens het persmoment geen onderzoeksrapport of cijfers waaruit blijkt hoeveel uitkeringen mogelijk bij de verkeerde personen zijn terechtgekomen.

Daarom moet de uitspraak voorlopig worden beschouwd als een ernstig vermoeden van de minister en nog niet als bewezen grootschalige fraude.

Pokie maakte wel duidelijk dat niet-opgehaalde kaarten uiteindelijk worden afgesloten en dat het geld op die kaarten moet terugvloeien naar Sociale Zaken.

In het nieuwe contract met de Surinaamse Postspaarbank is afgesproken dat de uitgifte van bankpassen voortaan een verantwoordelijkheid van de bank wordt. Burgers vragen volgens Pokie geen Monikarta aan, maar een sociale voorziening. De kaart is slechts het betaalmiddel waarop de uitkering wordt gestort.

Onvoldoende toezicht op opvanginstellingen

Ook over de opvang van kwetsbare kinderen en jongeren deed de minister een opvallende erkenning. Op de vraag of opvanginstellingen momenteel voldoende worden gecontroleerd, antwoordde zij: “Nee, niet goed genoeg op dit moment.”

Pokie gaf daarnaast aan dat niet alleen particuliere instellingen, maar ook overheidsopvanginstellingen niet volledig aan de Wet Opvanginstellingen voldoen.

Suriname beschikt volgens haar momenteel niet over voldoende geschikte crisisopvang. Daardoor moet de overheid samenwerken met particuliere instellingen, terwijl slechts een beperkt aantal daarvan aan de wettelijke standaarden voldoet.

De minister wil uiteindelijk een eigen doorgangs- en crisisopvanghuis opzetten. Voor jongeren die vanwege hun seksuele gerichtheid uit huis worden gezet, is er op dit moment echter geen structurele, gespecialiseerde overheidsopvang genoemd.

Ook ontbreekt volgens Pokie een geïntegreerd systeem waarin Sociale Zaken, Justitie en andere overheidsdiensten informatie delen. Een hulpzoekende moet daardoor bij iedere instantie opnieuw zijn of haar volledige verhaal vertellen.

Digitalisering moet fraude terugdringen

Het ministerie heeft tablets ontvangen waarmee wijkkantoren dossiers moeten digitaliseren en aanvullen. Daarmee moet onder andere beter worden vastgelegd wie een uitkering ontvangt en op grond van welke beperking of sociale omstandigheid iemand daarvoor in aanmerking komt.

Digitalisering kan de controle verbeteren, maar biedt op zichzelf geen garantie tegen fraude. Daarvoor zijn ook onafhankelijke controles, duidelijke bevoegdheden, een sluitende registratie en periodieke openbaarmaking van resultaten noodzakelijk.

De verklaringen van Pokie laten zien dat Sociale Zaken niet alleen met geldgebrek kampt. Het ministerie moet tegelijkertijd oude uitkeringen betalen, fraudegevoelige handmatige processen vervangen, opvanginstellingen controleren en nieuwe groepen ondersteunen die door prijsstijgingen in financiële problemen komen.

Wanneer de brandstofsubsidie verder wordt afgebouwd zonder dat deze systemen eerst op orde zijn gebracht, dreigen juist de kwetsbaarste burgers tussen wal en schip te vallen.

De centrale vraag is daarom niet alleen wanneer de brandstofsubsidie wordt losgelaten, maar welk concreet sociaal opvangplan vóór die beslissing gereedligt.

Leave a reply

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws rechtstreeks in je inbox! Mis geen updates over de belangrijkste gebeurtenissen.

50 euro korting

NET BINNEN

Reacties
Join Us
  • Facebook
  • X
  • Youtube
Follow
Search Add a post
Loading

Signing-in 3 seconds...

Signing-up 3 seconds...