
PARAMARIBO – Binnen de Nationale Democratische Partij (NDP) lijken de opvattingen over leiderschap en interne communicatie steeds verder uiteen te lopen. Terwijl ondervoorzitter Ramon Abrahams openlijk klaagt dat ervaren partijleden worden buitengesloten en overleg nauwelijks plaatsvindt, houdt president en partijvoorzitter Jennifer Simons vol dat interne problemen niet via de media moeten worden besproken.
Dat verschil kwam duidelijk naar voren tijdens twee opeenvolgende interviews in het radioprogramma Baka’na Tori op LIM FM.
Abrahams, die jarenlang nauw samenwerkte met wijlen oud-president Desi Bouterse, schetste een weinig positief beeld van de huidige NDP. Volgens hem ontbreekt de verbindende kracht die de partij onder Bouterse kenmerkte.
Hij stelde dat belangrijke kaderbijeenkomsten uitblijven, ervaren partijfunctionarissen onvoldoende worden geraadpleegd en mensen van buiten de oorspronkelijke partijorganisatie steeds meer invloed krijgen.
Geen persoonlijk gesprek met Simons
Abrahams maakte daarbij duidelijk dat zijn kritiek niet uitsluitend over anderen gaat. Hij verklaarde dat hij sinds het aantreden van Simons als president geen enkel persoonlijk gesprek met haar heeft gevoerd.
Wel zouden er gesprekken hebben plaatsgevonden in aanwezigheid van anderen.
Voor iemand die naar eigen zeggen vanaf 2000 belangrijke organisatorische functies binnen de partij heeft vervuld, is dat volgens hem tekenend voor de veranderde manier van leidinggeven.
Abrahams ging zelfs verder en stelde dat binnen de regering opdrachten van de president niet altijd worden uitgevoerd. Ministers en de vicepresident zouden volgens hem soms hun eigen gang gaan.
“Er moet meer daadkracht en meer leiding gegeven worden, want het is zoek op het ogenblik”, aldus Abrahams.
Simons weigert inhoudelijk te reageren
Toen Simons een dag later met de uitspraken werd geconfronteerd, koos zij ervoor niet inhoudelijk te reageren.
“Ik heb ook van Desi geleerd dat partijzaken in de partij worden behandeld en niet in de media”, verklaarde de president.
Op de vraag of zij op de kritiek van Abrahams wilde ingaan, antwoordde ze resoluut: “Helemaal niet.”
De interviewer bleef doorvragen en wees erop dat Abrahams geen willekeurig partijlid is, maar de ondervoorzitter van de NDP.
Simons veranderde haar standpunt niet. Volgens haar wordt er binnen de partij met elkaar gesproken, ook met Abrahams.
Daarmee ontstaat een opmerkelijke tegenstelling. De president verwijst naar de interne partijstructuren om kritiek te bespreken, terwijl haar eigen ondervoorzitter juist het gebrek aan intern overleg als een van de belangrijkste problemen aanwijst.
Bouterse als middelpunt van het conflict
Ook de omgang met de nalatenschap van Bouterse zorgt voor onvrede bij Abrahams.
Hij beschuldigde bepaalde personen binnen de NDP ervan zich te gedragen alsof zij de dood van Bouterse vieren. Volgens hem zouden dergelijke ontwikkelingen onder leiding van de voormalige partijvoorzitter niet mogelijk zijn geweest.
Daarnaast uitte hij zijn teleurstelling over de behandeling van drie veroordeelde voormalige militairen die vastzitten in Santo Boma.
Abrahams beweert dat vóór de verkiezingen toezeggingen waren gedaan over hun vrijlating. Nu de NDP opnieuw regeringsverantwoordelijkheid draagt, ziet hij volgens eigen zeggen geen enkele vooruitgang.
Of dergelijke toezeggingen daadwerkelijk namens de partij zijn gedaan, is daarmee niet onafhankelijk vastgesteld. Bovendien kan een regeringswisseling op zichzelf geen definitieve rechterlijke veroordeling ongedaan maken.
Simons wilde ook op dit onderdeel van zijn kritiek niet reageren.
Twee verschillende lessen van dezelfde leider
Opvallend is dat zowel Abrahams als Simons zich beroepen op het gedachtegoed van Bouterse.
Abrahams verwijst naar diens gewoonte om regelmatig kaderleden bijeen te roepen, persoonlijk contact te onderhouden en verschillende stromingen binnen de partij bij elkaar te brengen.
Simons verwijst juist naar zijn opvatting dat gevoelige partijkwesties intern moeten worden behandeld.
Beiden zeggen dus lessen te hebben meegenomen van dezelfde politieke leider, maar leggen in de praktijk andere accenten.
Voor Simons ligt de prioriteit bij bestuurlijke stabiliteit en het uitvoeren van regeringsbeleid. Zij maakte tijdens het interview duidelijk dat zij zich niet voortdurend wil bezighouden met uitspraken en conflicten die via de media worden uitgevochten.
Abrahams vindt juist dat de partij aan kracht verliest wanneer ervaren leden onvoldoende worden betrokken en interne onvrede onbeantwoord blijft.
Wie luistert er binnen de NDP?
Het is niet ongebruikelijk dat binnen een regeringspartij meningsverschillen bestaan. Maar wanneer een ondervoorzitter publiekelijk klaagt dat de partij onvoldoende vergadert, de leiding tekortschiet en belangrijke partijgenoten worden buitengesloten, gaat het om meer dan een verschil van inzicht.
Simons heeft het recht om partijzaken intern te willen bespreken. Maar daarmee blijft de vraag bestaan of die interne communicatie daadwerkelijk functioneert zoals zij voor ogen heeft.
Want als de ondervoorzitter van de regeringspartij de radio nodig heeft om zijn ongenoegen kenbaar te maken, terwijl de voorzitter vervolgens naar intern overleg verwijst, ontstaat onvermijdelijk de vraag waar dat overleg dan precies vastloopt.
De kwestie is niet alleen waarom Abrahams naar de media stapt, maar vooral waarom hij kennelijk vindt dat hij binnen zijn eigen partij onvoldoende wordt gehoord.