Minister LVV

Minister ontkent deal met mennonieten, maar bevestigt afspraken via Braganza

RedactieSuriname2 september 2026266 Views

Minister Mike Noersalim van Landbouw, Veeteelt en Visserij zegt dat zijn ministerie geen afzonderlijke overeenkomst heeft gesloten met de mennonieten. Tegelijkertijd bevestigt hij dat LVV wel afspraken heeft gemaakt met Braganza Marketing Group over het beschikbaar stellen van grote landbouwgebieden voor de productie van soja en maïs.

Daarmee lijkt de minister vooral een formeel onderscheid te maken. De mennonieten staan mogelijk niet zelf als contractpartij op papier, maar worden via Braganza wel ingezet bij de uitvoering van de landbouwprojecten.

Noersalim verklaarde tegenover de Communicatie Dienst Suriname dat hij bij zijn aantreden documenten van de vorige regering heeft aangetroffen over besluiten rond de groep. Een volledig dossier met een rechtstreekse overeenkomst tussen LVV en de mennonieten zou hij echter niet hebben gevonden.

De minister maakte niet bekend welke documenten en regeringsbesluiten hij precies heeft aangetroffen. Ook is niet duidelijk waarom het dossier onvolledig is en welke verplichtingen de Surinaamse staat reeds tegenover Braganza is aangegaan.

Braganza spreekt wél over drie overeenkomsten

De uitleg van Noersalim staat op gespannen voet met eerdere verklaringen van Braganza. Het bedrijf stelt dat op 13 januari 2026 drie samenwerkingsovereenkomsten met LVV zijn ondertekend voor een periode van twintig jaar.

Volgens Braganza hebben deze overeenkomsten betrekking op drie percelen met een gezamenlijke oppervlakte van 34.185 hectare langs de weg naar West-Suriname. Mennonieten zouden binnen deze projecten als internationale landbouwdeskundigen worden ingezet.

Braganza zegt bovendien dat de overeenkomsten de goedkeuring hadden van de toenmalige president en dat ook de landbouwcommissie van De Nationale Assemblee erbij betrokken was. Het bedrijf heeft de huidige regering gewaarschuwd dat het terugdraaien van de afspraken tot een schadeclaim van US$ 86 miljoen kan leiden.

Het is daarom onvoldoende om uitsluitend vast te stellen dat er geen contract bestaat waarop letterlijk „de mennonieten” als partij worden genoemd. De wezenlijke vraag is welke afspraken LVV met Braganza heeft gemaakt, wie daarvan de uiteindelijke uitvoerders zijn en welke rechten daarmee zijn toegekend.

Minister zegt dat Braganza zich niet als vertegenwoordiger presenteerde

Noersalim zegt dat Braganza zich tijdens de onderhandelingen niet heeft gepresenteerd als vertegenwoordiger van de mennonieten. De gesprekken zouden uitsluitend zijn gevoerd met een Surinaamse onderneming die soja en maïs wilde produceren.

Die verklaring roept nieuwe vragen op. Braganza maakte eerder namelijk duidelijk dat de mennonieten een belangrijke rol zouden spelen bij de uitvoering. Onduidelijk blijft wanneer LVV daarvan op de hoogte raakte en of de inzet van buitenlandse landbouwgroepen in de overeenkomsten is vastgelegd.

Ook is nog altijd niet openbaar gemaakt welke gebruiksrechten Braganza precies heeft verkregen en onder welke voorwaarden de gebieden beschikbaar zijn gesteld.

Geen grond uitgegeven, maar wel gebruiksrechten?

Volgens Noersalim kan LVV landbouwgebieden onder voorwaarden beschikbaar stellen, maar is de formele gronduitgifte een bevoegdheid van het ministerie van Grondbeleid en Bosbeheer.

Ook hier ontstaat een belangrijk onderscheid. Dat de grond niet formeel aan de mennonieten is uitgegeven, betekent niet automatisch dat zij er geen landbouwactiviteiten mogen uitvoeren. Braganza beroept zich immers op overeenkomsten die het bedrijf gebruiksrechten zouden geven voor in totaal 34.185 hectare in Tibiti en Kabalebo.

Hoofddirecteur Ruud Souverein van Braganza stelde onlangs dat binnen een jaar tien procent van het totale gebied in cultuur moet worden gebracht. De projecten zouden inmiddels vertraging hebben opgelopen.

Regering belooft controle

Noersalim benadrukt dat voor grootschalige landbouw milieustudies en goedkeuringen nodig zijn. Buitenlandse arbeidskrachten moeten legaal in Suriname verblijven en activiteiten in primair bos zijn volgens hem niet toegestaan.

De Nationale Milieu Autoriteit, de Stichting Bosbeheer en Bostoezicht en het ministerie van Justitie en Politie zouden toezicht moeten houden.

Braganza stelt op zijn beurt dat een milieueffectrapportage wordt uitgevoerd en bij de NMA is aangeboden. Of al toestemming is verleend om grond te ontginnen voordat die beoordeling is afgerond, blijft onduidelijk.

Openbaarmaking kan discussie beëindigen

De verklaring van Noersalim geeft daardoor nog geen volledige duidelijkheid. De minister ontkent een rechtstreekse overeenkomst met de mennonieten, maar bevestigt wel afspraken met het bedrijf dat hen naar Suriname heeft gehaald en bij de landbouwprojecten wil inzetten.

De regering kan de discussie grotendeels beëindigen door de drie overeenkomsten, de aangetroffen regeringsbesluiten, de kaarten van de betrokken gebieden en de voorwaarden voor het landgebruik openbaar te maken.

Zolang dat niet gebeurt, blijft „er is geen overeenkomst met de mennonieten” vooral een nauw geformuleerde ontkenning die de afspraken via Braganza niet wegneemt.

Leave a reply

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws rechtstreeks in je inbox! Mis geen updates over de belangrijkste gebeurtenissen.

50 euro korting

NET BINNEN

Reacties
Join Us
  • Facebook
  • X
  • Youtube
Follow
Search Add a post
Loading

Signing-in 3 seconds...

Signing-up 3 seconds...