
Ebu Jones verdedigt een bijzondere nationaliteitsregeling voor topsporters, maar waarschuwt voor politieke risico’s wanneer Suriname die mogelijkheid breder openstelt voor de diaspora. Het land zou volgens hem van buitenaf kunnen worden geregeerd. In zijn interview bij LIM FM maakte de initiatiefnemer echter niet concreet hoe dat zou gebeuren. Hij erkende juist dat het bezit van de Surinaamse nationaliteit op zichzelf niet voldoende is om te kunnen stemmen of verkozen te worden.
“Want wat je niet wil hebben, dat je 600.000 mensen hier hebt en je evenveel daar buiten hebt”, stelde Jones. Wanneer die mensen allemaal worden genaturaliseerd of een dubbele nationaliteit krijgen, zou volgens hem de mogelijkheid ontstaan “dat jouw land van buitenuit geregeerd wordt”. Voor de aangehaalde aantallen gaf hij in deze passage geen onderbouwing. Evenmin beschreef hij via welke wettelijke route de gevreesde invloed zou ontstaan.
Jones sprak daarmee over mogelijke politieke macht van de diaspora, niet over een aangetoond geval van buitenlandse inmenging. Dat onderscheid is wezenlijk. Mensen met Surinaamse wortels die hun nationaliteit willen behouden of herkrijgen, kunnen uiteenlopende persoonlijke redenen hebben. Hun wens is op zichzelf geen bewijs van een voornemen om vanuit het buitenland het bestuur over te nemen.
De vraag aan Jones is daarom concreet: welke bestaande voorwaarden voor actief en passief kiesrecht vindt hij onvoldoende? En waarom zouden eventuele risico’s niet met gerichte regels kunnen worden ondervangen? Zijn erkenning dat er aanvullende voorwaarden gelden, ontkracht zijn waarschuwing niet automatisch. Maar ze maakt een onderbouwing ervan wel noodzakelijk. Die uitwerking gaf hij in het gesprek niet.
Voor topsporters ziet Jones ondertussen een duidelijke reden om een bijzondere route te creëren. Zij hebben de nationaliteit nodig om Suriname internationaal te vertegenwoordigen, stelt hij. Andere deskundigen kunnen volgens hem ook zonder Surinaams staatsburgerschap iets voor het land betekenen. “Maar als wetenschapper hoef je niet de nationaliteit per se te hebben om iets voor Suriname te betekenen.”
Daarmee verklaart Jones het praktische belang van de sportersregeling. De bredere vraag naar verbondenheid blijft echter liggen. Waarom zou iemand die in Suriname is geboren en opgegroeid zijn band met het land niet eveneens juridisch willen herstellen? Dat verlangen hoeft immers niet uitsluitend voort te komen uit de noodzaak om een wedstrijd te spelen of een beroep uit te oefenen.
Romeo Stienstra legt juist daar de nadruk op in een afzonderlijke schriftelijke reactie aan Rinieuws. Hij gunt topsporters de bijzondere mogelijkheid, maar vraagt waarom andere mensen eerst hun maatschappelijke waarde zouden moeten aantonen. “Maar wat mij betreft hoeft iemand zijn of haar waarde voor Suriname niet eerst te bewijzen om de historische band met het land erkend te krijgen.”
Stienstra is in Suriname geboren en opgegroeid. Hij zou openstaan voor het herkrijgen van de Surinaamse nationaliteit wanneer hij zijn Nederlandse kan behouden. Voor hem gaat het om erkenning van een verbondenheid die nooit verdwenen is. Zijn reactie laat zien welke vraag naast Jones’ sportieve argument staat: wordt nationaliteit vooral benaderd vanuit wat iemand voor het land kan presteren, of krijgt ook de oorspronkelijke band zelfstandig betekenis?
Jones verwees voor niet-sporters naar bestaande mogelijkheden om Surinamer te worden. Tegelijk legde hij uit dat daarbij een actieve handeling van de betrokkene nodig is, met mogelijke gevolgen voor diens andere nationaliteit. Daarmee zijn die procedures niet zonder meer een antwoord op de wens die Stienstra uitspreekt: het Surinamerschap herstellen én de Nederlandse nationaliteit behouden.
Ook over de bijzondere sportersroute gaf Jones geen onvoorwaardelijke garantie. Suriname heeft zijn wetgeving volgens hem zo goed mogelijk afgestemd op buitenlandse regels, maar andere landen blijven zelf beslissen over hun nationaliteitsrecht. “Binnen het recht zeggen we altijd: niets is 100%”, zei hij.
Jones meldde bovendien dat uitbreiding naar wetenschappers bij delen van het parlement onvoldoende steun kreeg. Welke fracties daartegen waren en waarom, benoemde hij niet. Verdere verruiming blijft volgens hem mogelijk, maar een concreet voorstel of tijdpad voor de overige diaspora ontbreekt in zijn toelichting.
Wie waarschuwt dat Suriname van buitenaf kan worden geregeerd, legt een zwaar argument op tafel. Dan mag ook worden verwacht dat duidelijk wordt hoe reëel dat gevaar is en welke regels tekortschieten. Zolang die uitleg uitblijft, heeft Jones zijn terughoudendheid uitgesproken, maar het risico waarop hij die baseert nog niet concreet onderbouwd.