
PARAMARIBO — Staatsolie Power Company Suriname (SPCS) werkt aan verschillende projecten om de elektriciteitscapaciteit voor het nationale EBS-net de komende jaren verder uit te breiden. Het gaat onder meer om extra thermisch vermogen, batterijopslag, modernisering van de Brokopondo-waterkrachtcentrale en mogelijk een zonne-energiecentrale van 30 megawatt. Sommige projecten moeten vanaf 2027 en 2028 beschikbaar komen, terwijl een grotere thermische uitbreiding richting 2029 wordt onderzocht.
Dat heeft directeur Eddy Fränkel van Staatsolie Power Company Suriname uiteengezet tijdens een radiogesprek over de huidige stroomvoorziening en de recente load shedding.
Volgens Fränkel levert Staatsolie vanuit de thermische centrale contractueel gemiddeld ongeveer 50 megawatt aan EBS. Sinds 1 augustus is die levering verhoogd naar ongeveer 60 megawatt. Vanaf het komende weekend moet ongeveer 70 megawatt beschikbaar worden gesteld.
Volgens Fränkel ligt daarmee ongeveer het maximale vermogen van de centrale op tafel. Het onderhoud is zo gepland dat alle acht machines gedurende de komende periode beschikbaar kunnen blijven.
SPCS werkt daarnaast aan een zogenoemd Battery Energy Storage System.
Volgens Fränkel moet het batterijsysteem in het vierde kwartaal van 2027 ertoe leiden dat ongeveer 6 megawatt extra aan het EBS-net kan worden geleverd.
Ook wordt onderzocht of de thermische centrale verder kan worden uitgebreid met ongeveer 34 megawatt.
Door de lange levertijden van apparatuur verwacht Fränkel dat een dergelijke uitbreiding waarschijnlijk pas rond 2029 in gebruik kan worden genomen.
Ook zonne-energie maakt deel uit van de plannen.
EBS heeft volgens Fränkel een Request for Information uitgezet om belangstelling te peilen voor de bouw van een zonne-energiecentrale. Staatsolie Power Company heeft daarop gereageerd.
Indien SPCS uiteindelijk uit de aanbesteding wordt geselecteerd, wil het bedrijf in Saramacca een zonnecentrale met een vermogen van ongeveer 30 megawatt bouwen.
Bij een voorspoedig aanbestedingsproces zou deze centrale volgens Fränkel rond midden 2028 operationeel kunnen zijn.
De extra capaciteit is daarmee niet uitsluitend bedoeld voor de eigen olieactiviteiten van Staatsolie, maar wordt gekoppeld aan levering aan het EBS-net en de bredere elektriciteitsvraag in Suriname.
Tegelijkertijd loopt het moderniseringsprogramma van de Brokopondo-waterkrachtcentrale op Afobaka.
Drie oude turbines worden vervangen door modernere en efficiëntere turbines. Na afronding van het programma moet de naamplaatcapaciteit stijgen van ongeveer 189 naar 199 megawatt.
Volgens Fränkel zou EBS daardoor tijdens piekmomenten uiteindelijk ongeveer 170 megawatt uit Afobaka kunnen trekken, tegenover circa 160 megawatt wanneer de huidige installatie volledig beschikbaar is.
Op dit moment is één turbine langer dan gepland buiten bedrijf vanwege vertraging bij de leverancier. Daardoor kan EBS tijdens piekmomenten ongeveer 130 megawatt in plaats van 160 megawatt uit Afobaka halen.
De turbine moet volgens de huidige planning in de eerste week van oktober opnieuw beschikbaar zijn.
Fränkel benadrukte tevens dat de huidige waterstand van het Brokopondostuwmeer geen directe oorzaak is van de stroomproblemen.
De waterstand bedraagt volgens hem ongeveer 256,5 voet en ligt circa 75 centimeter onder het normale niveau. Dat is volgens hem voldoende om het jaar door te komen.
Hij wees daarentegen op een structureel probleem binnen het elektriciteitssysteem: er is onvoldoende reservecapaciteit om onderhoud of tijdelijke uitval van productie-eenheden gemakkelijk op te vangen.
Volgens Fränkel hoort een elektriciteitssysteem voldoende reserve te hebben voor dergelijke situaties, maar is dat in Suriname momenteel niet het geval.
De uitbreidingsplannen komen op een moment waarop rekening wordt gehouden met een verdere groei van de elektriciteitsvraag.
De ontwikkelingen rond olie en gas, maar ook de verwachte groei van bedrijven, woningen, appartementen, hotels en andere economische activiteiten kunnen de vraag naar elektriciteit de komende jaren verder verhogen.
Fränkel stelde dat Staatsolie daarom zowel op korte als langere termijn kijkt naar mogelijkheden om meer capaciteit beschikbaar te stellen.
De plannen plaatsen tegelijkertijd de discussie over de toekomstige financiering van de energiesector opnieuw op de agenda. Minister David Abiamofo heeft eerder aangegeven dat Suriname ongeveer US$ 500 miljoen nodig zou hebben om het tekort aan elektriciteitscapaciteit in de komende twee tot drie jaar structureel aan te pakken.
Met de projecten die Staatsolie nu zelf naar voren schuift, wordt vooral belangrijk welke investeringen onderdeel zijn van dat bedrag en welke projecten afzonderlijk door Staatsolie of andere partijen zullen worden gefinancierd.