Online reizen vanaf je luie stoel
Brug die nog moet komen

Corantijnbrug via private investeerder? Nieuwe vragen over financiering

RedactiePolitiek Suriname6 oktober 2026207 Views

PARAMARIBO – Wil Suriname de geplande Corantijnbrug uiteindelijk laten financieren door een private investeerder die zijn investering via tol terugverdient? De regering heeft dat niet aangekondigd, maar recente uitspraken van de ministers van Financiën en Buitenlandse Zaken roepen die vraag wel op. Opvallend is bovendien dat voor de Corantijnbrug in het verleden al officieel een publiek-private constructie was uitgewerkt waarbij ook tolgelden werden onderzocht.

Minister van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking Melvin Bouva maakte onlangs duidelijk dat de huidige regering niet langer uitgaat van de eerdere constructie waarbij Suriname en Guyana ieder 50 procent van de financiering van de Corantijnbrug zouden dragen.

Suriname wil volgens Bouva de financiële verantwoordelijkheid zelf op zich nemen. Hij koppelde dat standpunt onder meer aan de Surinaamse positie dat de Corantijnrivier tot het Surinaamse grondgebied behoort.

De eerdere Memorandum of Understanding zou volgens hem in november 2025 zijn verlopen. Over financiering, beheer, controle en andere praktische aspecten moeten daarom nieuwe afspraken met Guyana worden gemaakt.

Maar waar moet het geld vandaan komen?

Daarmee ontstaat een belangrijke financiële vraag. Als Suriname niet langer uitgaat van een 50/50-verdeling met Guyana, betekent dat nog niet automatisch dat de Surinaamse overheid de volledige bouwsom rechtstreeks uit de staatskas moet betalen.

Juist daar worden recente uitspraken van de minister van Financiën en Planning interessant.

Tijdens De Jaarrede Toegelicht legde zij uit dat de regering voor grote infrastructurele projecten kijkt naar andere financieringsmodellen om te voorkomen dat steeds nieuwe staatsleningen moeten worden aangegaan.

Daarbij noemde zij uitgerekend een brug als voorbeeld.

Volgens de minister kan een buitenlands of lokaal privaat bedrijf een brug volledig financieren. In een overeenkomst kan vervolgens worden geregeld dat de investeerder via een vergoeding of tol inkomsten ontvangt om zijn investering terug te verdienen. Uiteindelijk kan de brug worden overgedragen aan de staat.

De minister zei niet dat zij hiermee specifiek de Corantijnbrug bedoelde.

Corantijnbrug kende al PPP- en tolmodel

Toch is de vergelijking niet uit de lucht gegrepen.

Het ministerie van Openbare Werken maakte bij eerdere voorbereidingen van de Corantijnbrug bekend dat het project volgens een Design-Build-Finance-Operate-Maintain-model (DBFOM) in PPP-verband zou worden gerealiseerd.

Daarbij zou de uiteindelijke concessionaris verantwoordelijk zijn voor het ontwerp, de financiering en het onderhoud van de brug gedurende de concessieperiode, waarna de brug zou worden overgedragen.

Bij de toenmalige studies werd uitgegaan van een concessieperiode van 25 jaar. Ook werd onderzoek gedaan naar de verwachte verkeersstromen en tolgelden.

De toenmalige kostenraming bedroeg ongeveer US$523 miljoen.

Daarmee lijkt het voorbeeld dat Financiën nu geeft – een private partij financiert een brug, verdient de investering via tol terug en draagt het bouwwerk uiteindelijk over – sterk op een financieringsconstructie die eerder voor de Corantijnbrug is onderzocht.

Dat bewijst echter niet dat de huidige regering heeft besloten dit model opnieuw voor de Corantijnbrug te gebruiken.

Guyana denkt anders over financiering

Daar komt bij dat Suriname en Guyana nog geen eensluidend verhaal hebben over de financiering.

De Guyanese regering stelde in juli dat de Corantijnbrug vanaf het begin als gezamenlijk project is behandeld en dat planning, financiering, bouw, exploitatie en beheer onderwerpen zijn waarover beide landen gezamenlijk afspraken moeten maken.

Guyana zei destijds ook niet formeel te zijn geïnformeerd dat Suriname eenzijdig de volledige financiële verantwoordelijkheid zou overnemen.

Bouva houdt echter vast aan de Surinaamse lijn. Eind september verklaarde hij opnieuw dat de vorige regering uitging van een 50/50-verdeling, terwijl de huidige regering bereid is de financieringsverantwoordelijkheid zelf te dragen.

Cruciale vraag blijft onbeantwoord

De uitspraken van Financiën voegen daarmee een nieuwe vraag toe aan het dossier.

Wanneer Suriname zegt de Corantijnbrug zelf te willen financieren, betekent “zelf financieren” dan dat de staat honderden miljoenen dollars moet vinden? Of betekent het dat Suriname zelfstandig een financieringsconstructie organiseert waarbij een private concessionaris het kapitaal inbrengt en gebruikers uiteindelijk via tol bijdragen aan het terugverdienen van die investering?

Op die vraag is vooralsnog geen openbaar antwoord gegeven.

Ook is niet bekendgemaakt of het eerder onderzochte DBFOM/PPP-model voor de Corantijnbrug nog op tafel ligt, welke kostenraming de huidige regering hanteert en hoe eventuele tolheffing tussen Suriname en Guyana zou worden geregeld.

Zolang de regering daarover geen duidelijkheid geeft, kan niet worden geconcludeerd dat de recente uitleg van Financiën specifiek betrekking heeft op de Corantijnbrug.

De overeenkomsten tussen beide verhalen maken de financieringsconstructie echter wel tot een concrete vraag die de regering zal moeten beantwoorden.

Leave a reply

Previous Post

Next Post

BLIJF OP DE HOOGTE MET RINIEUWS
Ontvang het belangrijkste nieuws uit Suriname en de diaspora rechtstreeks in je inbox. Actueel, kritisch en overzichtelijk — zodat je niets hoeft te missen.

50 euro korting

NET BINNEN

Reacties
Join Us
  • Facebook
  • X
  • Youtube
Follow
Sign In/Sign Up Search Add a post
Loading

Signing-in 3 seconds...

Signing-up 3 seconds...

BLIJF OP DE HOOGTE MET RINIEUWS
Ontvang het belangrijkste nieuws uit Suriname en de diaspora rechtstreeks in je inbox. Actueel, kritisch en overzichtelijk — zodat je niets hoeft te missen.