
VHP-parlementariër Krishna Mathoera uit kritiek op het begrotingstekort, de koopkracht en de achteruitgang van publieke voorzieningen in Suriname. Vooral haar uitspraken over de slechte staat van schoolgebouwen vallen op. Volgens Mathoera zijn sommige scholen nauwelijks veranderd sinds zij daar bijna zestig jaar geleden zelf onderwijs volgde. Maar haar kritiek roept ook een vraag op: waarom zijn deze problemen niet structureel opgelost tijdens de vijf jaar waarin haar eigen partij aan de macht was?
In een interview over de resterende maanden van 2026 liet Mathoera weinig heel van de uitdagingen waarvoor de regering-Simons staat. Zij wees onder meer op het begrotingstekort van bijna SRD 11 miljard, de toenemende druk op de koopkracht, criminaliteit en de gebrekkige staat van scholen, aldus Mathoera op op TBN prime alert.
Volgens haar moet de regering duidelijke prioriteiten stellen en niet alleen beleidsvoornemens presenteren.
Een opvallende uitspraak van Mathoera ging over de staat van het Surinaamse onderwijs.
“Ik ben bijna 60 jaar geleden op een lagere school geweest. Als ik vandaag naar die school ga, is die school bijna hetzelfde”, verklaarde zij.
Volgens haar lijkt het alsof de tijd heeft stilgestaan. Zij wees op verouderde lokalen, onvoldoende sanitaire voorzieningen en de hitte waarmee leerlingen tijdens de lessen worden geconfronteerd.
Ook noemde zij scholen waar honderden leerlingen afhankelijk zijn van slechts twee of drie toiletten.
Mathoera vindt dat de overheid structureel moet investeren in betere onderwijsvoorzieningen.
Haar opmerkingen roepen tegelijkertijd vragen op over de verantwoordelijkheid van de vorige regering.
Mathoera was tussen 2020 en 2025 minister van Defensie in het kabinet-Santokhi. Haar partij, de VHP, leverde de president en kreeg vanaf mei 2023 met Henry Ori bovendien de leiding over het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur.
De problemen met verouderde schoolgebouwen waren destijds al bekend.
In april 2024 werd onder minister Ori bekendgemaakt dat 166 scholen verspreid over de tien districten in aanmerking kwamen voor renovatie of nieuwbouw.
In maart 2025 verklaarde dezelfde minister dat er een landelijk renovatieprogramma liep waarbij ongeveer 110 scholen werden aangepakt. Hij erkende tegelijkertijd dat de onderwijssector nog grote investeringen nodig had.
Er waren dus wel plannen en werkzaamheden. Maar de uitspraken van Mathoera maken duidelijk dat de vraag naar de daadwerkelijke resultaten van die investeringen nog altijd relevant is.
Als schoolgebouwen volgens Mathoera al tientallen jaren nauwelijks zijn veranderd, dan bestond dit probleem ook tijdens het presidentschap van Chan Santokhi.
Waarom slaagde de toenmalige regering er niet in om de achterstanden structureel weg te werken? Hoeveel van de aangekondigde renovaties zijn daadwerkelijk afgerond? En hoeveel scholen wachten nog steeds op verbetering?
Het zijn vragen die niet alleen aan de huidige regering-Simons kunnen worden gesteld, maar eveneens aan de voormalige regeringscoalitie waarvan Mathoera zelf deel uitmaakte.
Dat Mathoera destijds niet verantwoordelijk was voor het ministerie van Onderwijs, neemt niet weg dat zij als minister medeverantwoordelijkheid droeg voor het algemene regeringsbeleid.
Mathoera uitte daarnaast zorgen over de financiële koers van de huidige regering.
Volgens haar lijkt de regering vooral nieuwe leningen te willen gebruiken om de periode tot de verwachte inkomsten uit de oliesector te overbruggen.
Zij vindt dat de overheid actiever moet zoeken naar inkomsten uit onder meer belastingen en de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen.
Ook de koopkracht blijft volgens haar een ernstig probleem. Veel werknemers kunnen met hun salaris onvoldoende rondkomen, terwijl de overheid tegelijkertijd grote bedragen uitgeeft aan brandstofsubsidies.
Mathoera wil verder dat ministers jaarlijks verslag uitbrengen over hun werkzaamheden, uitgaven en bereikte resultaten.
Volgens haar moeten bewindslieden inzichtelijk maken wat zij met het geld van de samenleving hebben gedaan.
Die oproep tot transparantie is relevant, maar kan ook worden toegepast op haar eigen periode als bewindsvrouw.
Welke concrete hervormingen en resultaten zijn tijdens de regering-Santokhi bereikt? Welke achterstanden zijn weggewerkt en welke problemen zijn doorgeschoven naar de huidige regering?
Mathoera heeft als parlementariër het recht en de taak om de huidige regering kritisch te controleren. Haar opmerkingen over onderwijs, koopkracht en overheidsfinanciën verdienen daarom serieuze aandacht.
Maar politieke verantwoording begint niet uitsluitend bij de regering die vandaag aan de macht is.
Wanneer een voormalig minister constateert dat schoolgebouwen na bijna zestig jaar nauwelijks zijn veranderd, is het gerechtvaardigd om ook te vragen wat de regering waarvan zij zelf deel uitmaakte daaraan heeft gedaan.
Want als de tijd op sommige scholen werkelijk zestig jaar heeft stilgestaan, dan heeft de klok ook tussen 2020 en 2025 niet stilgezeten.