
PARAMARIBO – Suriname heeft volgens president Jennifer Simons inmiddels te maken met enkele tienduizenden vreemdelingen, waardoor de regering niet langer kan volstaan met beleid dat gericht is op individuele gevallen. Het kabinet wil daarom inzetten op registratie, onder meer om beter zicht te krijgen op wie zich in het land bevindt en wat hun verblijfs- en arbeidspositie is.
Simons deed de uitspraken tijdens het programma Welingelichte Kringen van ABC, waar zij werd gevraagd naar het vreemdelingenbeleid. Daarbij kwam onder meer de aanwezigheid van buitenlandse werknemers en kinderen van migranten ter sprake.
Volgens de president is de omvang van het vraagstuk inmiddels aanzienlijk.
“Ik heb wat informatie gekregen, praten we intussen over een paar tientallen duizenden mensen”, zei Simons.
Een exact aantal of een uitsplitsing naar nationaliteit, verblijfsstatus of sector gaf zij niet.
Volgens Simons vraagt een groep van deze omvang om een andere aanpak dan wanneer het slechts om enkele tientallen of honderden personen zou gaan.
De regering wil daarom eerst beter vaststellen wie zich daadwerkelijk in Suriname bevindt.
Vooral binnen de goudsector moet volgens haar registratie plaatsvinden. Daarmee moet de overheid zicht krijgen op de personen die daar actief zijn, waarna moet worden bepaald wat verder met hun verblijfspositie moet gebeuren.
“Alvast zorgen dat we weten wie dat is”, aldus de president.
Daarmee lijkt de regering registratie als een eerste stap te zien en niet automatisch als legalisering van verblijf. Simons maakte in het gesprek niet duidelijk welke groepen uiteindelijk in aanmerking zouden kunnen komen voor een verblijfsstatus en tegen wie uitzettingsmaatregelen kunnen volgen.
Simons wees daarnaast op de gevolgen voor de arbeidsmarkt.
Volgens haar kunnen mensen zonder legale verblijfsstatus kwetsbaar zijn voor goedkope arbeid. Bedrijven kunnen daarvan profiteren doordat deze werknemers volgens haar goedkoper kunnen worden ingezet en vanwege hun illegale positie onder grotere druk staan.
Dat kan volgens de president leiden tot concurrentie met Surinaamse werknemers.
De uitspraken leggen daarmee ook een verantwoordelijkheid bij werkgevers. Als personen zonder geldige status op grote schaal werkzaam zijn, rijst de vraag welke bedrijven hen in dienst hebben, onder welke arbeidsvoorwaarden zij werken en hoe effectief de controle daarop momenteel is.
Een ander probleem zijn de kinderen die met buitenlandse gezinnen in Suriname verblijven.
Simons benadrukte dat Suriname internationale verplichtingen heeft tegenover kinderen, ongeacht de manier waarop zij in het land terecht zijn gekomen. Zij noemde daarbij toegang tot gezondheidszorg en onderwijs.
Voor het onderwijs ontstaat volgens haar tegelijkertijd een extra uitdaging doordat een deel van de kinderen een andere taal spreekt.
De overheid moet volgens Simons rekening houden met die taalachterstand, maar kinderen uiteindelijk wel richting het reguliere Surinaamse onderwijs begeleiden.
Daarbij speelt ook een fundamentelere vraag: blijven deze gezinnen in Suriname of vertrekken zij uiteindelijk weer?
Voor een deel van de betrokken migranten acht Simons terugkeer op korte termijn niet vanzelfsprekend vanwege de omstandigheden in hun land van herkomst.
De aankondiging van registratie geeft nog geen antwoord op een aantal belangrijke vragen.
Zo is niet duidelijk hoeveel vreemdelingen daadwerkelijk zonder geldige verblijfsstatus in Suriname verblijven, hoeveel daarvan werkzaam zijn in de goudsector en andere bedrijfstakken, welke nationaliteiten het betreft en hoeveel minderjarige kinderen deel uitmaken van deze groep.
Ook is nog niet duidelijk wanneer de registratie begint, welke overheidsinstanties daarvoor verantwoordelijk worden en welke gevolgen registratie krijgt voor mensen die illegaal in het land verblijven.
Wanneer het volgens informatie van het staatshoofd daadwerkelijk om enkele tienduizenden personen gaat, wordt inzicht in die cijfers belangrijk voor niet alleen het vreemdelingenbeleid, maar ook voor onderwijs, gezondheidszorg, huisvesting en de arbeidsmarkt.