
De autoriteiten in Suriname zijn bezig met het traceren van kippen die afkomstig zijn van het pluimveebedrijf waar H5-vogelgriep is vastgesteld. Dieren van het getroffen bedrijf waren al vervoerd naar locaties in Wanica en Commewijne. Dat heeft minister Mike Noersalim van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) verklaard.
De ontwikkeling is belangrijk omdat daarmee niet alleen wordt gekeken naar het bedrijf waar de massale kippensterfte werd vastgesteld, maar ook naar locaties waar dieren vanuit dat bedrijf terecht zijn gekomen.
Volgens Noersalim is daarom direct een traceringsproces ingezet.
Op het pluimveebedrijf waren ongeveer 6.000 kippen aanwezig. Meer dan de helft daarvan stierf in korte tijd. Onderzoek wees vervolgens op influenza A van het type H5, oftewel vogelgriep.
Noersalim benadrukt dat verhoogde sterfte onder kippen niet automatisch vogelgriep betekent. Hoge temperaturen en andere omstandigheden kunnen eveneens tot uitval leiden.
In dit geval wees onderzoek echter daadwerkelijk op H5.
Ook officiële overheidsinformatie bevestigt dat duizenden kippen zijn gestorven en dat maatregelen zijn getroffen om verdere besmetting tegen te gaan.
Een belangrijk onderdeel van het onderzoek is nu waar dieren van het getroffen bedrijf vóór de maatregelen terecht zijn gekomen.
„Het probleem is dat de afgelopen dagen kippen van dat bedrijf ook getransporteerd zijn naar Wanica en Commewijne”, aldus Noersalim.
Volgens de minister wordt daarom nagegaan waar de dieren vandaan kwamen en waar ze vervolgens naartoe zijn gebracht.
Andere berichtgeving meldt dat traceerbare partijen die naar Wanica en Commewijne waren vervoerd inmiddels zijn gelokaliseerd en geruimd.
Daarmee ontstaat een belangrijke vraag voor het verdere onderzoek: wanneer zijn deze kippen precies vervoerd ten opzichte van het moment waarop de verhoogde sterfte op het oorspronkelijke bedrijf begon?
Ook moet duidelijk worden hoeveel dieren zijn verplaatst, naar hoeveel locaties ze zijn gegaan en of op die locaties besmettingen zijn vastgesteld.
Op dit moment is er geen basis om te stellen dat de vogelgriep zich daadwerkelijk naar Wanica en Commewijne heeft verspreid. Het vervoer van dieren en de daaropvolgende tracering moeten daarom worden onderscheiden van een bevestigde besmetting op een tweede locatie.
Bij de aanpak zijn volgens de minister verschillende overheidsdiensten betrokken, waaronder LVV en het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg (BOG).
Ook internationale ondersteuning wordt ingeschakeld. Noersalim zegt dat overleg heeft plaatsgevonden over ondersteuning, waaronder persoonlijke beschermingsmiddelen voor medewerkers die bij de bestrijding betrokken zijn.
Suriname had volgens de minister eerder al oefeningen gehouden rond de vraag hoe verschillende diensten moeten handelen wanneer een dierziekte uitbreekt.
Na de eerste melding zijn bovendien pluimveebedrijven binnen een straal van drie kilometer rond het getroffen bedrijf onderzocht.
Volgens Noersalim heeft LVV de afgelopen maanden geprobeerd vogelgriep buiten Suriname te houden.
Zo werden eerder beperkingen ingesteld voor de invoer van broedeieren en pluimveeproducten uit gebieden waar vogelgriep voorkwam. Ook producten die zonder de vereiste toestemming werden ingevoerd, werden volgens de minister in beslag genomen en voor vernietiging bestemd.
In augustus werd daarnaast de controle bij Stolkertsijver in Commewijne aangescherpt vanwege dierlijke producten die vanuit het oosten van het land worden binnengebracht. De overheid bevestigt dat deze controles onderdeel waren van de preventieve aanpak.
Ondanks die maatregelen is H5 nu in Suriname vastgesteld.
De uitbraak raakt ook aan een bredere kwetsbaarheid van de Surinaamse voedselvoorziening. Volgens de regering wordt momenteel ongeveer 35 procent van de binnenlandse behoefte aan kip lokaal geproduceerd en ongeveer 65 procent geïmporteerd.
LVV wil de lokale productie juist verder verhogen.
Een grotere uitbraak onder lokale pluimveebedrijven zou die ambitie kunnen bemoeilijken. Hoe groot de economische gevolgen van de huidige uitbraak worden, is nog niet vastgesteld.
De komende periode zal daarom vooral duidelijk moeten worden of het virus beperkt is gebleven tot het getroffen bedrijf en wat het traceringsonderzoek naar de reeds vervoerde kippen oplevert.