
NEW YORK – Suriname gaat zich inzetten voor visumvrij reizen naar Nederland en de rest van het Schengengebied. Nederland heeft volgens de Surinaamse regering aangegeven het land in dat proces te zullen ondersteunen. In afwachting van mogelijke visumvrijstelling wil Paramaribo op korte termijn al verbeteringen voor Surinaamse reizigers, waaronder snellere behandeling van aanvragen en visa die langer geldig zijn.
Het visumvraagstuk stond maandag 21 september centraal tijdens bilateraal overleg in New York tussen minister van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking Melvin Bouva en zijn Nederlandse ambtgenoot Tom Berendsen. Het gesprek vond plaats in de marge van de 81ste Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.
Volgens de Surinaamse berichtgeving zal het land zich inzetten voor Schengenvisumvrijstelling en kan het daarbij rekenen op Nederlandse ondersteuning.
Dat betekent echter nog niet dat Surinamers binnenkort automatisch zonder visum naar Nederland kunnen reizen. Voor reizen naar Nederland en andere Schengenlanden geldt voor Surinaamse paspoorthouders momenteel nog de bestaande visumprocedure. De inzet op vrijstelling moet dus worden gezien als het begin of voortzetten van een diplomatiek en Europees traject, niet als een reeds genomen besluit.
Bouva heeft tegelijkertijd gevraagd om maatregelen die sneller gerealiseerd zouden kunnen worden. Daarbij gaat het onder meer om een snellere afhandeling van visumaanvragen en de mogelijkheid om visa met een langere geldigheidsduur af te geven.
Via technisch overleg tussen beide landen moet worden onderzocht welke concrete verbeteringen mogelijk zijn.
Voor veel Surinamers kan juist dat op korte termijn van betekenis zijn. Wie momenteel vanuit Suriname voor maximaal 90 dagen naar Nederland reist, moet een Schengenvisum aanvragen. Nederland geeft aan dat aanvragen in Suriname via het VFS Global-aanvraagcentrum in Paramaribo verlopen.
Tijdens het overleg werd ook breder gesproken over de relatie tussen beide landen. Paramaribo en Den Haag willen bestaande afspraken meer omzetten in concrete resultaten.
Bouva benadrukte daarbij dat de relatie volgens Suriname gebaseerd moet zijn op gelijkwaardigheid, wederzijds respect en vertrouwen. Er wordt voortgebouwd op afspraken die zijn gemaakt rond het staatsbezoek van koning Willem-Alexander en koningin Máxima aan Suriname.
Beide landen willen het overleg tussen hun ministeries structureel voortzetten.
Ook het Fonds Slavernijverleden kwam tijdens het gesprek aan de orde. Suriname wil duidelijke afspraken over het beheer en de besteding van de beschikbare middelen, zodat het geld volgens de regering daadwerkelijk kan bijdragen aan herstel en heling.
Verder werd gesproken over technische samenwerking op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg, watermanagement en digitalisering.
Economische samenwerking stond eveneens op de agenda. Beide landen willen contacten tussen Surinaamse en Nederlandse bedrijven intensiveren en kijken naar handelsmissies en investeringen. Suriname ziet onder meer kansen in energie, landbouw, infrastructuur, logistiek en watermanagement.
De opvallendste inzet van het overleg blijft echter het visumdossier. Waar op korte termijn wordt gekeken naar een soepelere procedure, legt Suriname voor de langere termijn een aanzienlijk ambitieuzer doel op tafel: Schengenvisumvrijstelling voor Surinaamse reizigers.