
Amsterdam – Glenn Godfried haalt in een gesprek bij Culturu TV hard uit naar Ronnie Brunswijk en ABOP. Hij spreekt over een “politieke maffiabende”, verwijt Brunswijk zelfverheerlijking en vraagt zich af of president Jennifer Simons uit angst een confrontatie uit de weg gaat. Daarbij spreekt hij over mogelijke buitenlandse steun en noemt hij ook een invasie. Hij doet daarmee geen concreet voorstel voor een interventie.
Godfried verbindt verschillende kwesties aan zijn kritiek op de partij, waaronder de bestuurlijke strijd bij de Telecommunicatie Autoriteit Suriname (TAS), gebeurtenissen rond EBS en de kwestie van verdwenen goud bij Grassalco. Volgens hem wijzen die op een ernstig probleem met politieke invloed, intimidatie en controle.
Dat is zijn beoordeling. In het aangeleverde gesprek toont hij geen onafhankelijk bewijs waarmee gezamenlijke aansturing van deze verschillende dossiers wordt vastgesteld.
‘Ik kan me voorstellen’
Na zijn beschuldigingen vraagt Godfried zich af of Simons op de hoogte is van de situatie die hij beschrijft en of zij daarom terughoudend is.
“Ik vraag me af als de president op de hoogte is en dat ze daarom terughoudend is en bang is voor die confrontatie”, zegt hij.
Vervolgens spreekt hij over mogelijke steun van buiten Suriname: “Ik kan me voorstellen dat mevrouw Simons op een gegeven moment op zoek zal moeten gaan naar steun uit het buitenland om gewoon de boel daar op te ruimen.”
Direct daarna voegt hij eraan toe: “En natuurlijk gaan we het vervelend vinden als er in Suriname een invasie plaatsvindt, want Suriname is een soeverein land.”
“Maar dit werkt niet”, vervolgt hij.
Godfried beschrijft hiermee wat hij zich als mogelijke ontwikkeling kan voorstellen. Hij roept Simons in deze passage niet rechtstreeks op om buitenlandse troepen binnen te halen. Evenmin zegt hij dat zij buitenlandse hulp heeft gevraagd of dat een interventie wordt voorbereid. Welke vorm van steun hij bedoelt, werkt hij niet uit.
Brunswijk krijgt de volle laag
Godfrieds kritiek richt zich voor een belangrijk deel op Brunswijk. Hij plaatst diens publieke vertoon van rijkdom tegenover de problemen waarmee bewoners van het binnenland volgens hem blijven kampen.
“Hij moet in helikopters, hij moet gouden schoenen hebben. Mensen moeten dat zien”, zegt Godfried.
Daartegenover noemt hij gebrekkige watervoorzieningen en problemen met elektriciteit. Zijn verwijt is dat Brunswijks politieke invloed onvoldoende vooruitgang voor de bevolking heeft opgeleverd.
“Het enige wat hij doet is aan zelfverheerlijking”, stelt hij.
Dat absolute oordeel onderbouwt Godfried in het gesprek niet met een overzicht van alle uitgevoerde en uitgebleven projecten. Brunswijk heeft zelf eerder projecten voor het binnenland verdedigd. Hij wees onder meer op elektriciteitsvoorziening en stelde dat voorbereide plannen moeten worden voortgezet, ook na een regeringswisseling. rinieuws.nl
Conflict met kapiteins als achtergrond
Godfrieds uitspraken raken aan het eerdere conflict tussen Brunswijk en traditionele gezagsdragers. RINIEUWS berichtte op 1 oktober over Brunswijks reactie bij DTV, nadat kapiteins kritiek hadden geuit op ABOP en de ontwikkelingen in het binnenland. Brunswijk sprak zijn teleurstelling uit en verdedigde de rol van zijn partij. rinieuws.nl
Volgens verslaggeving van de Ware Tijd beschuldigde Brunswijk kapitein Alwin ‘Aloe’ Doebe van Sarakreek vervolgens van het aannemen van geld van skalians. Ook beweerde hij dat hij had voorkomen dat anderen de kapitein naar de politie brachten, waarna terugbetaling zou zijn afgesproken. Dit zijn beschuldigingen van Brunswijk; de juistheid ervan is daarmee niet onafhankelijk vastgesteld. www.shoeket.com
Die verklaring roept vragen op over Brunswijks eigen kennis van de gebeurtenissen. Sinds wanneer beschikte hij over die informatie? Welke afspraken werden gemaakt? En welk materiaal is aan de bevoegde instanties overgedragen?
RINIEUWS publiceerde op 2 oktober een ingezonden stuk waarin minister Harish Monorath werd aangesproken op de kwestie. Daarin werd gevraagd het materiaal te laten opvragen en zowel Brunswijk als de betrokken kapitein te laten horen. Of dat inmiddels is gebeurd, kon bij de bronnencontrole voor dit artikel niet worden vastgesteld. rinieuws.nl
Achterstelling als bescherming tegen kritiek
Godfried verwijt politieke leiders dat zij historische tegenstellingen tussen stad en binnenland gebruiken om kritiek op hun handelen af te weren. Volgens hem worden vragen over bestuur en integriteit daardoor voorgesteld als vijandigheid tegenover binnenlandbewoners.
Hij erkent dat mensen uit het binnenland zijn achtergesteld en kleinerend zijn behandeld. Zijn bezwaar is dat die geschiedenis volgens hem wordt ingezet om hedendaagse misstanden te verdedigen.
Op verschillende momenten zegt Godfried dat zijn kritiek niet alle binnenlandbewoners betreft. Hij stelt dat ook binnen de gemeenschappen mensen weten dat zaken verkeerd gaan. Tegelijkertijd gebruikt hij zelf grove en generaliserende bewoordingen over mensen die hij verantwoordelijk houdt.
‘Een grote hossel voor de ABOP’
Ook de verdiensten uit natuurlijke hulpbronnen komen aan bod. Godfried vraagt zich af wat de samenleving terugziet van goudwinning en grondtransacties.
“Suriname is een grote hossel voor de ABOP”, zegt hij.
Hij maakt daarbij een hypothetische berekening van mogelijke goudinkomsten, terwijl hij zelf aangeeft geen kennis van goudwinning te hebben. Die bedragen zijn daarom geen vastgesteld overzicht van Brunswijks inkomsten of vermogen.
Daarnaast doet Godfried zware uitspraken over omkoping en vermeende bewapening van politieke achterbannen. Het aangeleverde gesprek bevat geen controleerbaar bewijs voor die beschuldigingen. Zijn vermoedens kunnen niet als vastgestelde feiten worden overgenomen.
Welke opvolging kregen de beschuldigingen?
Godfrieds betoog is een frontale aanval op Brunswijk en ABOP. Zijn woorden over buitenlandse steun laten zien hoe ernstig hij de situatie inschat. Ze tonen niet aan dat Simons zulke hulp overweegt of dat een buitenlandse interventie aan de orde is.
De eerdere confrontatie met de kapiteins laat ondertussen concrete vragen achter: wat bewijst het door Brunswijk aangehaalde materiaal, wie wist van welke afspraken en welke opvolging hebben de bevoegde instanties gegeven aan de publieke beschuldigingen?
Beeld : Culturu TV